Wie woont er naast mij?
25.1.061
Normen: goede informatievoorziening, goede organisatie
Een man heeft de indruk dat in de woning van de buren niet de eigenaar woont, maar iemand anders. En dat mag niet zomaar. In 2022 is de Huisvestingswet veranderd waardoor de gemeente de ‘opkoopbescherming’ kon invoeren. Dat betekent dat als je eigenaar bent van een woning tot aan een bepaalde waarde, je je huis een aantal jaren niet mag verhuren of in gebruik aan iemand anders mag geven. Als een eigenaar van een woning meent dat hij toch kan verhuren dan kan hij daarvoor een vergunning aanvragen.
De man kent deze opkoopbeschermingsregeling en omdat hij meent dat er iets niet klopt, vraagt hij de gemeente om een kijkje te nemen bij de buren en te handhaven als dat nodig is. De man zit er bovenop en vraagt veelvuldig informatie aan de gemeente. En regelmatig krijgt de man dezelfde dag nog antwoord. Dat is netjes. De gemeente laat de man daarbij wel weten dat bepaalde informatie niet voor zijn ogen bestemd is. Dat is privacy gevoelig. De man is een oplettende bewoner, maar hij is geen direct belanghebbende dus ook daarom hoeft hij niet alles te weten.
De man vindt dat het allemaal wel erg lang duurt. Volgens hem is de situatie duidelijk. Hij snapt niet waarom er niet direct gehandhaafd wordt.
De man vraagt aan aantal keren naar de voortgang en krijgt daar geen bevredigend antwoord op. Ondertussen duurt de situatie al meer dan een jaar. De man stapt naar de ombudsman. Zij constateert dat in het begin van het proces de man voldoende is geïnformeerd over de situatie. Ze ziet ook dat het handhavingsproces is opgestart maar constateert dat het erg lang duurt voordat er verdere stappen worden gezet. De gemeente geeft aan dat de oorzaak ligt bij organisatorische problemen. De ombudsman kan daar tot op zekere hoogte wel begrip voor opbrengen, maar omdat het zo lang duurt, trekt zij toch de conclusie dat er onvoldoende wordt voldaan aan de norm: goede organisatie.