U bent hier

Container en maat zijn vol

21.1.060 Stadsbeheer
Trefwoorden: afval, overlast

Een man beklaagt zich erover dat er geregeld karton en afval naast de papier- en de afvalcontainers bij zijn woning worden geplaatst. Het materiaal verspreidt zich vervolgens door de straat als gevolg van de wind en vogels die de zakken openpikken. Hij vindt dat de stad daardoor aan het verpauperen is.
Het bijplaatsen van papier en karton gebeurt omdat de papiercontainers vaak vol zijn. Ondanks dat de man hierover al meerdere meldingen en zelfs een klacht bij de gemeente heeft ingediend, is er geen verbetering van de situatie. Hetzelfde is het geval met de nabijgelegen afvalcontainer. Na 2 klachten (ook 1 van de buurman) hierover in een weekend, heeft de gemeente wel de bijgeplaatste vuilniszakken maar niet het losliggende afval weggehaald. Ook is de afvalcontainer toen niet geleegd. Voor de man is de maat vol en hij stapt naar de ombudsman.
De gemeente meldt de ombudsman het probleem van de bijplaatsingen bij de betreffende papiercontainer te herkennen. De container wordt al zo vaak als mogelijk geleegd. Daarom start de gemeente een proef waarbij de afdeling Handhaving intensiever wordt ingezet. Enkele maatregelen van de proef zijn controles op bijplaatsingen, inzet van de wijkpost voor het opruimen van bijplaatsingen en het aanspreken van ondernemers die papier en karton naast de container plaatsen. Verder laat de gemeente weten dat de bijplaatsingen bij de afvalcontainer in het betreffende weekend het gevolg waren van een storing. Hierdoor ging de klep van de container niet meer open. De gemeente onderzoekt of er verbetering mogelijk is in de signalering van dergelijke storingen en of er een extra controlemoment kan worden ingelast. Een en ander is afhankelijk van de mogelijkheden van inzet van personeel.
De ombudsman is van mening dat de gemeente met deze aanpak laat zien de klacht serieus te nemen en dat is mooi. Zij verzoekt de gemeente om haar op de hoogte te houden van de uitkomsten van de voorgestelde acties. De man laat een paar weken later weten dat hij verbetering ziet in het legen van de papiercontainer, met uitzondering van de zondag. De gemeente geeft na een evaluatie aan dat de uitkomsten van de proef hoopvol zijn. Zij ziet (ook) dat er minder bijplaatsingen zijn. De nieuwe werkwijze wordt nog met een maand verlengd om het resultaat te stabiliseren.
De man geeft aan zich zorgen te maken over de periode na de proef, wanneer het extra toezicht weer stopt. De ombudsman laat de man weten dat als hij dan weer een toename van bijplaatsingen merkt, hij zich opnieuw kan melden bij de ombudsman.