Oma wil een rol

Een oma maakt zich zorgen over haar dochter en de kleinkinderen. Er zijn problemen in het gezin en er is hulp ingeschakeld. De oma vraagt zich af of de hulp voldoende is, of de juiste begeleiding wordt ingezet. Eigenlijk vraagt ze zich af of WIJ wel goed weet wat er speelt en waarom zij als oma geen rol krijgt in de oplossing. De oma wil heel graag informatie over de situatie want ze maakt zich zorgen. WIJ is daar buitengewoon terughoudend in. De dochter is meerderjarig en heeft het gezag over haar kinderen. Het is aan de dochter om informatie met oma te delen, zo zegt WIJ. Het probleem is dat de dochter dat niet wil. En dat valt de oma zwaar. Je zorgen maken, maar geen rol kunnen pakken.

De ombudsman biedt aan om na te vragen bij WIJ of ze de zorgen van de oma herkennen en of er, binnen de mogelijkheden van de privacywet, toch iets gedeeld kan worden om de ongerustheid te verkleinen. En ook vraagt ze na wat de mogelijkheden zijn voor oma om een rol te spelen. Is het niet zo dat WIJ het netwerk van een gezin betrekt bij haar handelen?

WIJ is duidelijk in haar antwoord. Zonder toestemming van de betrokkene, de dochter in dit geval, wordt er geen informatie gedeeld en kan ook geen netwerk, en dus ook niet de oma, worden ingeschakeld. Daarnaast geeft WIJ aan dat het ook niet oké is om informatie te delen zonder toestemming. Los van de privacywet verstoort dat hoogstwaarschijnlijk danig de relatie tussen WIJ en de dochter. Met het risico dat de hulpverlening stagneert. De ombudsman kan dit antwoord helemaal volgen en laat dat de oma weten.

Norm: goede informatieverstrekking (26.2.017)