Tekstgrootte
kleiner groter

Onderzoeken Stadsbeheer

Terugplaatsing bankje zit niet iedereen lekker 18.1.002

Trefwoorden: overlast, meldingen, monitoring

Een man beklaagt zich erover dat het bankje achter zijn woning niet wordt verwijderd terwijl het gebruik ervan door ‘indrinkers, uitzitters en hang- en schooljeugd’ overlast veroorzaakt. Het bankje is in 2016 (terug)geplaatst, terwijl het in 2000 juist vanwege overlast was verwijderd. De man vindt het niet correct dat er over de terugplaatsing geen overleg met hem als direct belanghebbende is geweest.
De gemeente laat weten dat medewerkers van de gemeente in juli 2016 bij de man zijn langs geweest naar aanleiding van zijn klachten. Er is toen afgesproken dat op basis van overlastmeldingen zou worden bepaald of het bankje zou blijven staan of zou worden weggehaald. Op dat moment was er geen directe aanleiding om het bankje opnieuw weg te halen omdat overige omwonenden geen last hadden. Verder is toen ook geconstateerd dat de directe omgeving van het bankje schoon en veilig oogde. Als dat anders was geweest, had dat een signaal van overlast kunnen zijn.
De gemeente heeft vervolgens een half jaar lang het aantal binnengekomen overlastmeldingen gemonitord. Na een half jaar actief monitoren constateerde de gemeente dat er geen problemen waren rondom het bankje. Uit informatie van de overlastcoördinator blijkt dat er ook ná die tijd geen meldingen zijn binnengekomen over het bankje, behalve van de man zelf.
De ombudsman stelt vast dat de gemeente de overlastklachten serieus heeft opgepakt, maar dat haar onderzoek niet heeft aangetoond dat er breder sprake is van overlast. In haar reactie legt de gemeente inzichtelijk uit welke acties zij heeft ondernomen en hoe zij tot haar besluit is gekomen. Het bankje is (terug)geplaatst op initiatief van de Bewonersorganisatie. Dat de gemeente gehoor heeft gegeven aan dit initiatief is netjes. Ook ondanks het feit dat het bewuste bankje 16 jaar eerder zou zijn verwijderd vanwege overlast. Doordat het initiatief van de Bewonersorganisatie kwam is die namens omwonenden, dus ook de man, bij het besluitvormingsproces betrokken. Dat de gemeente daarvan uitging, kan de ombudsman volgen. Met de voorwaarde die de gemeente aan de plaatsing heeft gesteld dat het gebruik van het bankje geen overlast mag veroorzaken, laat de gemeente zien oog te hebben gehad voor alle belangen.

Overlast ringweg 18.1.003 

Trefwoorden: geluidsnormen, informatievoorziening, kapvergunning, belangenafweging

Een omwonende heeft de volgende klachten naar aanleiding van het kappen van bomen op het talud van de Oostelijke Ringweg.

  • De gemeente houdt zich niet aan de richtlijnen voor geluidhinder. Voor een woongebied geldt de geluidsnorm 48dB en die wordt bij enkele woningen in zijn straat overschreden. Zijn wijk ligt echter in een ecologisch gebied en daarvoor geldt een strengere geluidsnorm en die wordt dus bij alle woningen in deze wijk overschreden. Door het kappen van wilgen op het talud van de Oostelijke Ringweg vergroot de gemeente de geluidhinder ook nog eens.
  • De bewuste bomen op het talud zorgen ook voor een reductie van het fijnstof. Het kappen van de wilgen op het talud verhoogt volgens de man de concentratie fijnstof. De man stelt dat de gemeente gevaar van fijnstof niet onderkent, terwijl dit inmiddels een van de grootste doodsoorzaken in het verkeer is. Hij vindt dat de gemeente ook op dit punt nalatig handelt.
  • Aan de overkant van de Ringweg ligt een sportpark. Door de snoei van de bomen ondervinden de bewoners lichtoverlast van het schijnsel van de lichtmasten op het sportpark.
  • De man heeft van de gemeente een brief gekregen dat de wilgen op het talud vanaf het kunstwerk zullen worden gesnoeid. Een week later blijkt van snoei geen sprake te zijn, maar van kap van zo’n vijftigtal bomen. Gelet op deze omvang en het feit dat sommige bomen een diameter van meer dan 20 cm hadden, was volgens de man een kapvergunning nodig.
  • Ten slotte heeft de gemeente een deel van de wilgen weggehaald om zichtlijnen voor het kunstwerk op het talud te creëren. De man begrijpt niet dat de gemeente de belangen van omwonenden (milieu en volksgezondheid) minder zwaar heeft laten wegen dan de wens van de kunstenaar om het kunstwerk zichtbaarder te maken.


Na een uitvoerig onderzoek komt de ombudsman tot de volgende bevindingen.

Geluidsnorm
De door de man genoemde norm van 48 dB geldt alleen voor nieuwe ontwikkelingen, zoals nieuwbouw van woningen bij drukke wegen en/of bij de aanleg of ingrijpende wijzing van een bestaande weg (reconstructie). De Wet geluidhinder bevat geen normen voor bestaande situaties. Voor ecologische gebieden gelden de normen van de Wet geluidhinder niet. Uit het wettelijk verplichte actieplan van de gemeente blijkt dat de acties van de gemeente primair gericht zijn op het verbeteren van hoogbelaste (bestaande) situaties van 65 dB of meer. Volgens de geluidskaart is er in de wijk van de man geen sprake van een situatie van 65 dB of meer en is er voor deze wijk dan ook geen actie gepland.
De man stelt in zijn reactie dat er door de reconstructie van de ringweg wel degelijk sprake is van een nieuwe situatie. De ombudsman constateert echter dat uit het eindrapport ‘Eindbeeld Oostelijke Ringweg Groningen – visiedocument’ blijkt dat door de provincie is onderzocht of er sprake is van een reconstructie in de zin van de Wet geluidhinder. Uit het onderzoek blijkt dat niet het geval te zijn. Over de conclusies van de provincie is de ombudsman niet bevoegd te oordelen. Dat de gemeente uitgaat van de bevindingen van de provincie is niet onbehoorlijk. Uiteindelijk betreft de Oostelijke Ringweg een provinciale weg.
De ombudsman constateert dat de gemeente pas (in tweede instantie) tijdens het klachtenonderzoek inzicht heeft gegeven in de geldende geluidsnormen voor deze wijk en waarom die niet worden overschreden. De informatie die de man eerder van de gemeente had ontvangen, was niet adequaat. Ook de informatie die de ombudsman in eerste instantie tijdens haar onderzoek had ontvangen, was niet volledig.

Luchtkwaliteit
Er zijn geen gemeentelijke of provinciale normen voor de luchtkwaliteit. Er bestaan alleen Europese/nationale luchtkwaliteitsnormen, zoals grenswaarden voor fijnstof en stikstofdioxide (NO2). Uit de kaarten van de wijk blijkt dat ruimschoots wordt voldaan aan de grenswaarden.
Ook ten aanzien van dit onderwerp heeft de gemeente pas (in tweede instantie) tijdens het klachtenonderzoek inzicht gegeven in de geldende fijnstofnormen en waarom die niet worden overschreden. De eerdere informatie aan de man en aan de ombudsman was niet adequaat. De ombudsman oordeelt dat de gemeente niet conform de behoorlijkheidsnorm goede informatieverstrekking heeft gehandeld. Deze niet behoorlijke gedraging is tijdens het klachtenonderzoek uiteindelijk wel gecorrigeerd.

Lichtoverlast
Op een foto, die vanuit de straat van de man is gemaakt, ziet de ombudsman verschillende scheefstaande bomen die lijken te rusten op andere bomen. Dat de gemeente om deze reden onderhoud noodzakelijk vindt, kan zij volgen. Verder heeft de ombudsman ter plaatse geconstateerd dat er na het gepleegde onderhoud van ‘kaalslag’ zoals rond het kunstwerk geen sprake is. De gemeente heeft conform de inhoud van haar vooraankondigingsbrief gehandeld. Ten slotte geeft de gemeente aan dat de wilgen in het voorjaar zullen aangroeien. Er is dus sprake van een tijdelijke situatie. Dat verkeersdeelnemers hinder van het schijnsel van de lichtmasten van de sportvelden kunnen ondervinden is voorstelbaar. De hinder is echter in beginsel niet veel anders dan men vóór het onderhoud van de in de winter bladverliezende wilgen zou hebben kunnen ervaren. Alles overwegende is de uitkomst van de belangenafweging om onderhoud uit te voeren naar het oordeel van de ombudsman niet onredelijk.

Kapvergunning
De gemeente stelt dat er geen wilgen zijn gekapt. Alleen de wilgen die waren omgewaaid zijn vanuit veiligheidsoverwegingen weggehaald. Omdat de bomen die zijn weggehaald op een hoogte van 130 cm niet dikker waren dan 20 cm was volgens de gemeente geen kapvergunning nodig. Uit de ter beschikking gestelde informatie is naar het oordeel van de ombudsman niet aangetoond dat de gemeente bomen van meer dan 20 cm doorsnede (op een hoogte 130 cm) heeft omgehaald. Ook uit onderzoek ter plaatse of op een andere wijze heeft de ombudsman niet kunnen concluderen dat de gemeente activiteiten heeft laten verrichten waarvoor een kapvergunning nodig was.

Kunstwerk
De man meent dat door het weghalen van de bomen rond het kunstwerk het geluid en het fijnstof vrij doorgang hebben tot zijn woonomgeving. Hoewel de ombudsman zich dit gevoel kan voorstellen, merkt zij op eerder geconstateerd te hebben dat er geen normen worden overschreden. Daarnaast merkt de ombudsman op dat de bomen een deel van het jaar geen blad hebben en om die reden geen dan wel weinig geluiddempende en fijnstofvoorkomende werking lijken te hebben. Dit wordt bevestigd in verschillende onderzoeken. De ombudsman stelt voorts vast dat de gemeente naast het weghalen van de vegetatie rond het kunstwerk ook een lange dubbele rij schanskorven op de wal heeft geplaatst tussen het kunstwerk en de ringweg. Dat deze schanskorven geen geluidwerende werking zouden hebben zoals de man stelt, is de ombudsman niet gebleken. Hoewel niet blijkt dat met het weghalen van de vegetatie de gezondheid van de omwonenden in het geding komt, ziet de ombudsman dat de gemeente met het plaatsen van de schanskorven wel het belang van omwonenden voor ogen had. Op grond van het bovenstaande concludeert zij dan ook niet dat de gemeente de belangen van de kunstenaar zwaarder heeft gewogen dan de belangen van omwonenden.

Niet concreet genoeg voor nader onderzoek 18.1.004

Trefwoorden: toezegging, onderhoud, openbare ruimte

Een man is niet tevreden met de afhandeling van zijn 3 klachten door de gemeente. Zo komt de gemeente een afspraak over het onderhoud van een sloot niet na. Deze afspraak is volgens de man destijds gemaakt bij de aanleg van de riolering op het terrein. Helaas is er geen verslag van gemaakt, maar er waren wel getuigen. Een van de getuigen die de man noemt, is een voormalig medewerker van de gemeente. De ombudsman gaat in gesprek met deze medewerker, maar deze kan zich geen concrete afspraken over onderhoud en aankleding van het terrein herinneren. Hij had als opbouwwerker die rol ook niet. Wat hij nog wel weet, is dat in overlegsituaties waar hij bij betrokken was altijd een notulist aanwezig was. Als er afspraken zijn gemaakt, zouden die via de notulen te achterhalen moeten zijn. Omdat uit de tekeningen uit een eerder dossier van de man blijkt dat het om afspraken uit de periode 2012/2013 lijkt te gaan, is het voor de ombudsman moeilijk om hier nu nog onderzoek naar te doen zonder te beschikken over de genoemde notulen.

Verder stelt de man dat er schade is ontstaan door het gebruik van te zwaar materieel. De gemeente wil dit niet herstellen en verwijst de man in haar reactie op zijn klacht naar de (bewoners)vereniging. Dat vindt de man niet terecht. De ombudsman stelt vast dat de gemeente in haar reactie aangeeft dat de schade die bij het schonen van de sloten door haar materieel zou kunnen zijn veroorzaakt, na de onderhoudswerkzaamheden is hersteld. Omdat de ombudsman zonder nadere gegevens hiernaar geen onderzoek kan doen, vraagt ze gegevens op bij de man.

Het derde klachtonderdeel betreft de beveiligingspaaltjes bij gasoversteken. Daarover stelt de gemeente dat (de diepte van) de gasleiding volgens de geldende veiligheidsnormen is aangelegd. Zij verwijst de man voor specifieke vragen naar de netbeheerder. Dat lijkt de ombudsman correct. De netbeheerder is namelijk verantwoordelijk voor de gasleiding en niet de gemeente. Als de gevraagde nadere informatie over de gestelde schade uitblijft, sluit de ombudsman enkele weken later het dossier.

Harde wind zorgt voor schommelingen 18.1.021

Trefwoorden: woonschip

Een woonbootbewoner is niet tevreden over de wijze waarop hij zijn boot moet vastleggen nadat de gemeente de haven heeft laten aanpakken. Dat moet nu met 2 afmeersystemen. Volgens de man is dat bij windkracht 8-9 niet voldoende. Zijn boot ligt pal op de wind en schommelt dan flink heen en weer. Toen zijn boot nog aan touwen lag, ondervond hij pas bij windkracht 11 problemen. Maar touwen mag hij niet meer gebruiken. Als de man het probleem bij de gemeente aankaart, krijgt hij te horen dat de afmeersystemen volgens de berekeningen voldoende zijn. Deze berekeningen wil de gemeente hem echter niet geven. Volgens de man zal het best zo zijn dat de berekeningen kloppen, maar in de praktijk werkt het niet. Omdat hij graag een oplossing voor het probleem wil, gaat de man naar de ombudsman.
De gemeente legt aan de ombudsman uit waarom voor het vastleggen van de woonboot kan worden volstaan met 2 meerpalen. Zij baseert zich op de door de aannemer gemaakte berekeningen die uitgaan van een (dwars)windkracht 12 bij een extreem hoge waterstand van 1.80+ NAP. Schommelingen bij windkracht 8-9 zijn niet te voorkomen en horen nu eenmaal bij wonen op het water. Omdat de haven is uitgebaggerd en de boot daardoor niet meer vastligt in de bodem, zullen de schommelingen heviger zijn dan voorheen. De gemeente doet de suggestie om extra touwen aan te brengen, maar geeft tegelijk ook aan dat het schommelen hiermee niet voorkomen gaat worden.
De ombudsman vindt de uitleg van de gemeente aannemelijk en kan die ook volgen. Daarbij komt dat zij niet heeft kunnen constateren dat de situatie van de man anders is dan die van de andere woonbootbewoners in dezelfde haven. Ook deze boten zullen bij wind uit noordwestelijke richting pal op de wind liggen.
Zij stelt vast dat de gemeente met de suggestie om touwen te gebruiken laat zien dat zij met de man meedenkt. En dat is netjes.

Klachtenprocedure gaat niet volgens de regels 18.1.029

Trefwoorden: klachtbehandeling, reactietermijn, overlast, aanspreekpunt

Een buurtbewoner ondervindt veel overlast van fietsen die door leerlingen van een naburige school op de stoep worden geparkeerd. Hij meldt dit diverse keren aan de gemeente. Maar omdat die niets met zijn meldingen doet en ook niet reageert op zijn vraag welke contactpersoon hij kan benaderen, dient de man een klacht in bij de klachtenfunctionaris van de gemeente.
Omdat de man na de wettelijke termijn van 6 weken nog geen reactie heeft gekregen, meldt hij zich bij de ombudsman.

De gemeente laat de ombudsman weten dat zij naar aanleiding van de meldingen een onderzoek is gestart naar de mogelijkheden die zij heeft om het probleem aan te pakken. Binnen verschillende afdelingen is daarover overleg gevoerd. Uiteindelijk moest zij vaststellen geen mogelijkheden te hebben. Omdat de aanpak tot de verantwoordelijkheid van de school behoort, zijn medewerkers van de afdeling Handhaving en opbouwmedewerkers van het WIJ-team (die gespecialiseerd zijn in het verbeteren van de leefbaarheid in de wijk) in gesprek gegaan met de school. Waarna de school een overleg met buurtbewoners heeft georganiseerd en een buurtbewoner heeft gevraagd om deelnemers daarvoor te werven.  
Toen de klacht van de man door de klachtenfunctionaris werd ontvangen, liep het onderzoek nog en ondernam de klachtenfunctionaris zelf geen actie naar de man. Wel hebben medewerkers van de afdeling Handhaving de man een aantal keren bezocht om hem te informeren over de ontwikkelingen. De gemeente erkent dat de klachtenfunctionaris de man hiervan zelf op de hoogte had moeten stellen. De gemeente biedt excuses aan.
Verder deelt de gemeente mee dat de man niet bij het overleg met de school is betrokken. De gemeente heeft van het WIJ-team de toezegging gekregen dat die erop zal toezien dat de man voor eventuele vervolggesprekken tussen buurtbewoners en de school wel een uitnodiging krijgt. Als de man nog vragen heeft, kan hij contact opnemen met het WIJ-team.

De ombudsman is het met de gemeente eens dat de klachtenfunctionaris de man zelf had moeten benaderen. Daarbij had hij de man kunnen informeren over het lopende interne onderzoek en dat dit mogelijk meer dan 6 weken in beslag zou nemen. Nu dat niet is gebeurd, had de man binnen die termijn een schriftelijke reactie moeten ontvangen. Die heeft hij niet gekregen en dat vindt de ombudsman niet correct. Mede hierdoor was het voor de man lange tijd niet duidelijk dat er wél iets gebeurde met zijn klacht. De ombudsman vindt het aanbieden van excuses netjes.
Verder stelt de ombudsman vast dat de man nu ook duidelijkheid heeft gekregen over het door hem gewenste aanspreekpunt.

Wie doet wat met afspraken over grafonderhoud? 18.1.069

Trefwoorden: toezegging, communicatie, regie, afspraken

Een dochter beklaagt zich, mede namens haar moeder, over het onderhoud van het graf van haar vader. Haar klacht gaat erover dat medewerkers van de begraafplaats herhaaldelijk beloftes en gemaakte afspraken over het onderhoud en de aan te leggen beplanting niet zijn nagekomen. Ter illustratie stuurt ze de mailwisseling met verschillende medewerkers van de gemeente en foto’s van het graf mee.

De ombudsman komt op basis van de reacties van de gemeente, de dochter en een gesprek met beide partijen bij het graf tot de volgende bevindingen.

Toezegging beplanting
Volgens de gemeente berust de afspraak dat de dochter de beplanting zelf zou mogen kiezen op een misverstand. De ombudsman constateert echter dat uit de gemeentelijke mail blijkt dat er met de dochter is afgesproken dat ze de beplanting zelf zou mogen uitkiezen. De gemeentelijke medewerker heeft dit, toen de vrouw hem nogmaals op de gemaakte afspraken wees ook niet ontkend. Dit wijst erop dat de vrouw de afspraken niet verkeerd heeft begrepen en dat er dus geen sprake is van een misverstand. De dochter mocht er daarom vanuit gaan dat er een toezegging was gedaan en die is niet nagekomen. Voor de dochter is het heel vervelend geweest dat ze steeds te maken kreeg met andere medewerkers, die niet van elkaar leken te weten wat was besproken. Dat had de gemeente kunnen voorkomen door één vaste contactpersoon aan te wijzen, die de regie op zich nam.

Uitblijven reactie en excuses
Verder constateert de ombudsman dat de gemeente niet heeft weersproken dat de betreffende medewerker nooit meer heeft gereageerd op de e-mail of het voicemailbericht van de dochter en dat is niet netjes. Ook stelt de ombudsman vast dat de gemeente geen excuses maakt voor de manier waarop zij met moeder en dochter is omgegaan.

Nieuwe afspraken
Bij het graf worden nieuwe afspraken gemaakt over de toegestane beplanting, het onderhoud en wie wat zal doen. Een deel van de afspraken wordt nog dezelfde week nagekomen door de gemeente. De dochter kan zelf de door haar gewenste hortensia planten. En het leggen van de graszoden laat - zoals afgesproken- nog iets langer op zich wachten. Daarmee laat de gemeente naar het oordeel van de ombudsman zien de nu gemaakte afspraken serieus te nemen. Wel is het jammer dat het allemaal zo lang heeft geduurd en dat het de dochter zoveel moeite heeft gekost.

Discussie over grafonderhoud 18.1.095

Trefwoorden: onderhoud, gras, reeën, begraafplaats

Een vader bezoekt al 32 jaar lang elke dag het graf van zijn dochter. De laatste jaren is hij echter ontevreden over het onderhoud. Na het maaien van het gras in de middenberm ligt er iedere keer weer gras en zand op het graf. De man heeft het probleem al diverse malen besproken, zowel met een medewerker als met de teamleider. Maar het verandert niet. Vroeger werd het graf netjes onderhouden, maar tegenwoordig veel minder. Ook vindt de man het erg vervelend dat de bloemen die hij elke zondag op het graf zet, maandags alweer geheel of gedeeltelijk door de reeën zijn op- of aangegeten. Het liefst zou hij chrysanten neerzetten omdat die het langst staan, maar deze lusten de reeën graag. De man heeft te horen gekregen dat hij maar kunstbloemen moet neerzetten. Dat wil hij in de winter wel doen, maar in de zomer wil hij graag verse bloemen neerzetten.
De gemeente laat in haar reactie aan de ombudsman weten dat de medewerkers ervoor zorgen dat het zand en gras niet op de graven wordt geblazen. Lastige bijkomstigheid is dat het monument van de dochter vol staat met bloemen en dergelijke. Om te voorkomen dat met de bladblazers die bloemen met vazen omver worden geblazen, gaan de medewerkers met een vegertje over het monument om het schoon te maken. Dat handmatig verwijderen vindt volgens afspraak plaats. Dat kan niet bij elk graf, maar omdat de gemeente weet dat de man erg netjes is op het monument doen ze het in dit geval wel.
De ombudsman constateert dat de gemeente begrip toont en ook laat zien dat het haar inzet is dat het graf van de dochter er netjes bijligt. Bijvoorbeeld door het handmatig verwijderen van gras en zand. De man geeft aan nog nooit iemand met een vegertje bij het graf te hebben gezien. De ombudsman acht dat mogelijk, maar dat dit niet hoeft te betekenen dat er niemand is geweest. Er wordt niet dagelijks geveegd, alleen na het maaien. En dat gebeurt eens in de week, anderhalve week. Dit is echter geen garantie dat de man geen gras en zand op het graf zal aantreffen. Dat kan bijvoorbeeld ook door de wind verplaatst worden.
De gemeente heeft de ombudsman verder laten weten dat zij niet kan voorkomen dat reeën de op het graf geplaatste planten opeten. In de omgeving van de begraafplaats leven nu eenmaal reeën en het is ondoenlijk om deze van de begraafplaats te weren. De man heeft van de gemeente een lijst gekregen met planten die de reeën niet lekker vinden. De ombudsman vindt dat correct.

Sloot schoonmaken 18.1.112

Trefwoorden: toezegging, onderhoud

Volgens een man komt de gemeente haar afspraken niet na. De sloot achter zijn huis is enkele jaren geleden aangelegd door de gemeente. De gemeente heeft de sloot na aanleg van de riolering nog één keer schoongemaakt en een talud aangelegd. De man komt met tekeningen als bewijsstuk bij zijn klacht bij de ombudsman. Omdat op de tekening staat ‘bestaande sloot opschonen en herstellen’ gaat de man ervan uit dat de gemeente de sloot moet onderhouden. In haar reactie meldt de gemeente dat zij al enkele jaren contact met de man heeft over het onderhoud van de sloot. Nadat de gemeente de sloot nog één keer heeft schoongemaakt en een talud aangebracht, is de sloot in optimale staat overgedragen aan de bewoners. De sloot ligt niet op gemeentegrond maar is van de eigenaren van de huizen aan de sloot. Zij zijn daarom verantwoordelijk voor het schoonmaken en niet de gemeente.

De ombudsman kan de redenering van de gemeente hierin volgen. Ook zij kan uit de tekening niet opmaken dat de gemeente verantwoordelijk is voor het onderhoud. Hoewel zij zich kan voorstellen dat deze uitkomst teleurstellend is, zullen de eigenaren zelf het onderhoud moeten aanpakken.

Aansprakelijkheid omgekeerd als blad aan een boom 18.1.123

Trefwoorden: onderhoud bomen, onderhoudsniveau, BORG, goede organisatie

Een man heeft overlast van bomen aan de voorzijde van zijn woning. Daar ligt een strook grond met een aantal Essen. Deze bomen veroorzaken veel overlast, onder andere door afgevallen blad, takken en zaden. De man heeft de gemeente verzocht de bomen te kappen. De gemeente wijst dit verzoek af. Daarnaast wijst de gemeente hem erop dat hij het stuk grond waar de bomen op staan in gebruik heeft van de gemeente. De vorige eigenaar van de woning van de man heeft hiervoor een overeenkomst met de gemeente gesloten en deze overeenkomst is van rechtswege overgegaan naar de man toen hij de woning kocht. De gemeente geeft aan dat de man verantwoordelijk is voor het beheer en onderhoud van het stuk grond, inclusief de bomen. De man kent de ‘ingebruikgevingsovereenkomst’ die hieraan ten grondslag ligt niet en vraagt deze op bij de gemeente. Als hij de overeenkomst uiteindelijk ontvangt, blijkt dat de daarbij horende tekening ontbreekt. Deze vraagt hij tot 2 keer toe op bij de gemeente, maar hierop krijgt hij geen reactie. De man meldt zich bij de ombudsman. Hij vindt het onredelijk dat hij verantwoordelijk is voor het onderhoud van de bomen. De man wil graag dat de gemeente het onderhoud van de bomen op zich neemt, of financieel bijdraagt aan het onderhoud. Ook wil hij alsnog de bij de ‘ingebruikgevingsovereenkomst’ behorende tekening van de gemeente ontvangen. De ombudsman stelt vast dat uit deze overeenkomst de verplichting van de man voortvloeit om de bomen te onderhouden. De gemeente neemt het onderhoud van de bomen niet op zich. Zij geeft aan dat de bomen maximaal opgekroond en gesnoeid zijn en dat zij niet verwacht dat er de komende jaren snoei nodig is. De gemeente ziet dan ook geen mogelijkheden om de man op dit punt (financieel) tegemoet te komen. De ombudsman heeft uitgezocht wat de consequenties voor de man zouden zijn als hij de overeenkomst opzegt. Dit lijkt geen acceptabele oplossing voor de man te zijn.
De bij de overeenkomst behorende tekening kan de gemeente niet vinden. Zij biedt hiervoor haar excuses aan.
De man klaagt ook over het onderhoud van de gemeente aan de openbare ruimte in zijn straat. De ombudsman informeert bij de gemeente naar de wijze waarop er onderhoud wordt gepleegd in de straat van de man. De gemeente legt uit dat dit aan de hand van zogenaamde BORG-normen plaatsvindt. De gemeente stuurt de ombudsman informatie over deze systematiek toe. De ombudsman heeft deze informatie doorgestuurd aan de man. Het volgens dit systeem geplande onderhoud heeft de gemeente recent nog uitgevoerd.   

Deel deze pagina op