Tekstgrootte
kleiner groter

“Ze doen maar”

18.1.091 Stadsontwikkeling

Trefwoorden: overlast, bestemming

Een vrouw vertelt de ombudsman dat een supermarkt zijn laad- en losplek heeft verplaatst naar de kant van haar woning. Verder is een deel van de groenstrook achter haar huis veranderd in een doorgang voor de vrachtwagens en een parkeerplaats voor de bezoekers. De vrouw is het niet eens met de wijzigingen in de omgeving. Zij stelt dat omwonenden hier niet bij betrokken zijn en nu overlast ondervinden van laad- en losactiviteiten. Daarover heeft ze verschillende contacten gehad met de supermarkt en de gemeente. Ze krijgt echter te horen dat het allemaal mag en dat de supermarkt geen vergunning nodig heeft. Nu blijkt de supermarkt de laad- en losplek nog verder te willen aanpassen door het plaatsen van een sluis en een hoge muur. De vrouw is van mening dat de gemeente geen rekening houdt met de belangen van omwonenden.
Na bestudering van de stukken constateert de ombudsman dat er vergunningen zijn aangevraagd en/of verleend. Aan de vrouw is uitgelegd waarom voor sommige wijzigingen geen vergunning nodig is. Op de plek van de parkeerplaats rust een andere bestemming, namelijk ‘groen’. De gemeente heeft de vrouw gemeld dat hiervoor een omgevingsvergunning ‘strijdig gebruik‘ is aangevraagd. Die aanvraag heeft de ombudsman niet kunnen vinden. Over het proces en de vraag hoe rekening is gehouden met de belangen van omwonenden, stelt ombudsman de vrouw voor om samen met de gemeente in gesprek te gaan. Omdat de vrouw daarover blijft twijfelen, doet de ombudsman eerst onderzoek naar de aanvraag omgevingsvergunning ‘strijdig gebruik’.
De gemeente legt de ombudsman uit dat de bestemming van een deel van de parkeerplaats al vanaf 2013 ‘detailhandel’ is. Vanwege deze bestemming is voor de aanleg van dit deel geen vergunning nodig. Voor het gedeelte achter de woning van de vrouw ligt dat anders. Hiervoor is wel een omgevingsvergunning ‘strijdig gebruik’ nodig. De ombudsman stelt vast dat in tegenstelling tot wat de gemeente de vrouw eerder meldde hiervoor nog geen vergunning is aangevraagd. De gemeente heeft de vrouw hierover onjuist geïnformeerd. Uiteindelijk is de vergunning tijdens het onderzoek van de ombudsman aangevraagd. De ombudsman heeft de vrouw hiervan op de hoogte gesteld en aangegeven hoe zij in de gaten kan houden wanneer de vergunning wordt verleend, zodat zij eventueel bezwaar kan maken. De gemeente laat nog weten het vervelend te vinden dat bij de vrouw het idee bestaat dat de supermarkt zomaar zijn gang mag gaan. Dat is namelijk niet het geval. Er is volgens de gemeente juist bijzonder veel overlegd om de verkeerssituatie en het laden en lossen op zo goed mogelijke wijze in het gebied in te passen. De gemeente heeft nog een uitgebreide schriftelijke toelichting gegeven hoe het proces is verlopen en wat de rol van de gemeente hierin is geweest. Een paar maanden later meldt de vrouw blij te zijn met dit inzicht en de bemoeienissen van de ombudsman. Ze merkt dat er meer rekening wordt gehouden met de omwonenden. Een gesprek vindt zij dan ook niet meer nodig.

Deel deze pagina op

Nieuws

Bang voor controle

20 juni 2019

Door problemen met de bereikbaarheid van het Noordelijk Belastingkantoor, kan een vrouw haar hond niet op tijd aanmelden voor de hondenbelasting.

lees verder »

Na bijna 10 maanden blijkt bezwaar niet mogelijk

20 juni 2019

Het duurt bijna een jaar voordat en man die verhuurt via Airbnb, een reactie krijgt van het Noordelijk Belastingkantoor op zijn bezwaarschriften.

lees verder »