U bent hier

Waarom jaarlijks adresonderzoek?

19.1.065 Maatschappelijke ontwikkeling

Trefwoorden: vrijstelling leerplicht, basisregistratie

Een man is het er niet mee eens dat hij elk jaar moet aantonen dat zijn kinderen, die in het buitenland naar school gaan, minimaal 4 maanden per jaar in Nederland verblijven. De man heeft er geen probleem mee dat hij elk jaar vrijstelling van de Leerplichtwet moet aanvragen, maar wel met een jaarlijks adresonderzoek. Hij vindt dit belastend. Hierover heeft de man diverse gesprekken gevoerd met verschillende (leerplicht)ambtenaren. De gemeente wil het proces tot het aanvragen van een vrijstelling op grond van de Leerplichtwet voor de man versimpelen. De door de gemeente geboden oplossing, namelijk het meesturen van de vliegtickets van de kinderen bij de vrijstellingsaanvraag, wordt door de man echter niet gezien als een versimpeling en hierover is hij niet tevreden.

Uit de reactie van de gemeente aan de ombudsman blijkt dat de leerplichtambtenaar op grond van de wet geen vrijheid heeft om af te zien van de meldplicht aan Burgerzaken. Ook niet om dat minder vaak te doen, bijvoorbeeld eens in de 4 of 5 jaar, zoals de man graag wil. De leerplichtambtenaar moet de melding doen in de gevallen waarin hij ‘gerede twijfel’ heeft over de juistheid van de registratie in de Basisregistratie Personen. Daarvan is sprake bij kinderen die hun hoofdverblijf in het buitenland hebben en daar voltijds onderwijs genieten.

De ombudsman constateert dat wettelijk is bepaald dat voor inschrijving in de Nederlandse Basisregistratie Personen iemand tenminste 4 maanden per jaar in Nederland moet verblijven. Vier maanden per jaar is ruim 17 weken. Als de kinderen van de man alleen in de schoolvakanties naar Nederland reizen, zouden zij dus minimaal 17 weken vakantie moeten hebben om te voldoen aan dit vereiste. Nu het erop lijkt dat de kinderen in het buitenland minder dan 17 weken schoolvakanties hebben en daarnaast niet zeker is dat de kinderen elke schoolvakantie terug naar Nederland reizen, kan de ombudsman de redenering van de gemeente volgen dat er sprake is van gerede twijfel. De gemeente heeft duidelijk uitgelegd waarom de leerplichtambtenaar een dergelijke melding doet. Daarnaast heeft de gemeente geprobeerd het traject voor de man enigszins te versimpelen door de hoeveelheid contacten die hij hierover met de gemeente heeft te verminderen. Hoewel de ombudsman zich kan voorstellen dat de man het erg vervelend vindt om ieder jaar aan te moeten tonen dat zijn kinderen in elk geval 4 maanden per jaar in Nederland verblijven, acht zij de handelingen van de gemeente, die mede gericht zijn op het terugbrengen van de belasting voor de man, niet onbehoorlijk.